De nieuwe John Deere 7R 350 is met nominaal 257 kW (350 pk)  het nieuwe topmodel.

Zo registreer je bestaande (land)bouwvoertuigen

Datum: 20 november 2020
Laatst bijgewerkt: 23 november 2020
Door: Hero Dijkema
Vanaf 1 januari 2021 kunnen bestaande (land)bouwvoertuigen zonder keuring bij de RDW worden geregistreerd. Na 2021 is het nog steeds mogelijk om bestaande (land)bouwvoertuigen te registreren bij de RDW, maar dan is een keuring verplicht en lopen de kosten dus op. Hieronder wordt stapsgewijs uitgelegd hoe je bestaande (land)bouwvoertuigen kan vastleggen in het kentekenregister.

Vanaf 1 januari 2021 geldt er een registratieplicht voor bestaande en nieuwe (land)bouwvoertuigen die op de openbare weg rijden. Het registreren bestaat uit het inschrijven en tenaamstellen van het voertuig in het kentekenregister bij de RDW. Bestaande (land)bouwvoertuigen kunnen gedurende heel 2021 (de zogenaamde conversieperiode) administratief worden geregistreerd. Administratief wil zeggen dat het voertuig niet hoeft te worden gekeurd of geschouwd door de RDW.

Je kunt een bestaand (land)bouwvoertuig ook na 2021 registreren, maar dan moet deze wél eerst door de RDW worden gekeurd. De kosten hiervan bedragen een veelvoud van de registratiekosten tijdens de conversieperiode.

Registratieplicht geldt voor alle bestaande:

  • landbouwtrekkers op wielen (categorie T).
  • landbouwtrekkers op rupsen (categorie C).
  • landbouwaanhangwagens (categorie R; ingericht voor transport (bijvoorbeeld landbouwkipper) die sneller rijden dan 25 km/u.
  • verwisselbare getrokken uitrustingsstukken (categorie S; ingericht voor uitvoeren van bewerkingen bijvoorbeeld een getrokken aardappelrooier) die sneller rijden dan 25 km/u.
  • motorrijtuigen met beperkte snelheid (MMBS) (categorie Z; zelfrijdende werktuigen zoals oogstmachines en grondverzetmachines) met maximumconstructiesnelheid van meer dan 6 km/u.
     

10 registratie-items
Bestaande (land)bouwvoertuigen moeten door de eigenaar zelf bij de RDW worden geregistreerd. Je kunt met eHerkenning of DigiD inloggen op de website van RDW. Vervolgens kun je per voertuig maximaal 10 registratie-items invullen. Het is mogelijk om in één keer meerdere voertuigen achter elkaar te registreren. Als de gegevens van alle voertuigen zijn geregistreerd moet het totaalbedrag direct worden afgerekend. Per geregistreerd voertuig kost dat 18,00,- euro. Nadat de registratie is gecontroleerd en geaccepteerd door de RDW worden de kentekenbewijzen naar je opgestuurd.

In onderstaande tabel staan de 10 registratie-items die per voertuig moeten worden geregistreerd. De gegevens over het voertuig die de eigenaar verstrekt zijn leidend bij de registratie. Vanzelfsprekend moeten de voertuiggegevens kloppen met de technische gegevens van het voertuig.

Registratie-items

landbouw-trekker

MMBS

getrokken materieel > 25 km/u

Voertuigidentificatienummer

V

V

V

Vermelding of het voertuig is voorzien van een GV-kenteken

V

V

n.v.t.

Voertuigcategorie

V

V

V

Merk

V

V

V

Handelsbenaming

V

V

V

Type (indien bekend)

F

F

F

Bouwjaar

V

V

V

Brandstof(fen)

V

V

V

Maximumconstructiesnelheid

V

V

V

Voertuigomschrijving (bij MMBS)

n.v.t.

V

n.v.t.

V=verplicht  F=facultatief

Voertuigidentificatienummer
Het voertuigidentificatienummer (VIN) maakt elk voertuig uniek identificeerbaar. Het VIN vormt de koppeling tussen het voertuig en kentekenbewijs. Het voertuigidentificatienummer moet in het chassis, frame of soortgelijke dragende structuur zijn ingeslagen en goed leesbaar. Bij veel getrokken materieel ontbreekt echter een ingeslagen identificatienummer. De voertuigidentificatienummer of constructienummer dat op het constructieplaat staat voldoet dan ook.

Wanneer er geen enkel identificatienummer op het voertuig zit, bijvoorbeeld omdat het eigenbouw is, kan de RDW er een uniek identificatienummer inslaan. Hiervoor kan de RDW bij je langskomen en daar zijn kosten aan verbonden. Belangrijk is dat er op het voertuig een uniek identificatienummer aanwezig is. Zo niet, dan kan het voertuig niet worden geregistreerd.

constructieplaat

GV-kenteken
Ook alle bestaande (land)bouwvoertuigen met een GV-kenteken moeten nog een keer worden geregistreerd bij de RDW. Dit ter controle of je nog steeds de eigenaar/houder bent van het voertuig. De kosten van deze zogenaamde tenaamstelling zijn minder; 10,40,- euro per voertuig. Wanneer het voertuig is voorzien van een GV-kenteken moet dit GV-kenteken worden ingevoerd tijdens de registratie. In principe houd je hetzelfde GV-kenteken.

Let op: wanneer het voertuig met een GV-kenteken niet in 2021 opnieuw wordt geregistreerd, vervalt de tenaamstelling van het voertuig met ingang van 1 januari 2022.

Voertuigcategorie
Er worden 5 verschillende voertuigcategorieën voor de bestaande (land)bouwvoertuigen onderscheiden:

  • landbouwtrekkers op wielen (categorie T)
  • landbouwtrekkers op rupsen (categorie C)
  • landbouwaanhangwagens (categorie R)
  • verwisselbare getrokken uitrustingsstukken (categorie S)
  • motorrijtuigen met beperkte snelheid (categorie Z)


Wanneer een landbouwtrekker in de fabriek van wielen is voorzien, maar naderhand is uitgerust met rupsen, dan blijft het voor de registratie een landbouwtrekker op wielen. De voertuigcategorie die op de constructieplaat vermeld staat is namelijk leidend.

Merk
Het merk van een (land)bouwvoertuig spreekt eigenlijk voor zich. Het merk staat op de buitenkant van het voertuig. Op de constructieplaat staat de naam van de fabrikant. De fabrikant hoeft niet altijd hetzelfde te zijn als het merk. Fabrikant AGCO is bijvoorbeeld producent van meerdere merken tractoren, zoals Fendt, Massey Ferguson en Valtra.

Handelsbenaming en type
Bij handelsbenaming en type is het even goed oppassen. Deze betekenen namelijk bij de registratie net iets anders dan we gewend zijn. De handelsbenaming is de benaming die aan de buitenkant van het voertuig is aangebracht, bijvoorbeeld bij een New Holland T7.210 is de handelsbenaming T7.210. In de praktijk noemen we dit meestal type, maar type is voor de registratie dus een ander begrip.

Op de constructieplaat staat meestal het type vermeld. Dit kan hetzelfde zijn als de handelsbenaming op de buitenkant, maar dat hoeft niet. Bij landbouwtrekkers is het type ook te vinden in het Certificaat van Overeenstemming (CvO) oftewel de trekkerpapieren. De handelsbenaming is een verplicht registratie-item. Het type hoeft alleen te worden geregistreerd als het bekend is.

constructieplaat Fendt

Bouwjaar
Het bouwjaar staat meestal op de constructieplaat. Het bouwjaar wordt gebruikt om de datum van eerste toelating (DET) vast te stellen. Een (land)bouwvoertuig met bouwjaar 2015 wordt bij RDW geregistreerd op 30-06-2015. Dus alle bestaande (land)bouwvoertuigen hebben een datum eerste toelating van 30 juni + het bouwjaar.

Brandstof
Op het invulscherm staan verschillende soorten brandstof. Je moet de brandstof kiezen die het meest gebruik wordt in het voertuig. Dat zal bij de meeste (land)bouwvoertuigen diesel zijn.

Maximumconstructiesnelheid
De maximumconstructiesnelheid is een belangrijk registratie-item. Probleem is dat dat van veel (land)bouwvoertuigen niet bekend is wat de maximumconstructiesnelheid is. Bij landbouwtrekkers staat het meestal in de trekkerpapieren of in andere technische documentatie vermeld. Uitgangspunt is dat de opgave van de maximumconstructiesnelheid door de eigenaar leidend is. Wanneer je een 50 km/u-tractor hebt en je geeft als maximumconstructiesnelheid 40 km/u op, dan registreert de RDW 40 km/u.

Het is belangrijk dat de maximumconstructiesnelheid in het kentekenbewijs overeenkomt met de werkelijke maximumconstructiesnelheid. Dit is namelijk verplicht. Snelle tractoren die als 40 km/u-tractor worden geregistreerd moeten daadwerkelijk begrensd zijn of worden.

Constructiesnelheid aanhangwagens
Alleen met geregistreerde aanhangwagens met een eigen gele kentekenplaat mag er harder dan 25 km/u worden gereden. Van bestaand getrokken materieel is vaak niet bekend voor welke maximumconstructiesnelheid de aanhangwagen is ontworpen. Wanneer de aanhangwagen voldoet aan alle wettelijke voertuigeisen van de Regeling voertuigen is het verantwoord om hiermee harder dan 25 km/u te rijden. Bij hogere snelheden zijn goede remmen op een aanhangwagen essentieel. Voor bestaande landbouwaanhangwagens en getrokken werktuigen betekent dit dat met een lege massa van meer dan 3.500 kg er goed werkende remmen op moeten zitten. Alleen dan is het voor de verkeersveiligheid verantwoord om de aanhangwagen te registreren en er harder dan 25 km/u mee te rijden.

APK- en tachograafplicht
De hoogte van constructiesnelheid die je opgeeft heeft nog andere gevolgen. Alle landbouwtrekkers met maximumconstructiesnelheid van meer dan 40 km/u zijn namelijk APK-plichtig. Wanneer deze snelle tractoren worden ingezet voor niet-agrarische transportwerkzaamheden, wordt de tractor tachograafplichtig. Invullen van een maximumconstructiesnelheid van niet meer dan 40 km/u voorkomt dus APK- en tachograafplicht.

Voertuigomschrijving
Alleen voor MMBS’en moet een voertuigomschrijving worden ingevuld. Bij de registratie krijg je een lijst met verschillende soorten zelfrijdende werktuigen. Er kan bijvoorbeeld worden gekozen voor een maaidorser, bietenrooier, graafmachine of wiellader. Zo komt er inzicht in de opbouw van het huidige park motorrijtuigen met beperkte snelheid. Deze informatie kan ook van pas komen bij het aanvragen van ontheffingen.

Kentekenplaat

Na de registratie en tennaamstelling bij de RDW ontvang je als eigenaar een kentekenbewijs, de kentekencard. Met de kentekencard kan je een kentekenplaat laten maken bij de automateriaalhandel. De kosten van de kentekenplaat liggen rond de 15,- euro.