commercial, kraan, gww, cumela, medewerker

Opvolger cao LEO sluit beter aan op de praktijk

Datum: 6 oktober 2020
Laatst bijgewerkt: 8 oktober 2020
De naam van de cao Landbouwwerktuigen Exploiterende Ondernemingen (LEO) verandert op 1 januari 2021 in cao Groen, Grond en Infrastructuur (GGI), maar er verandert meer om ervoor te zorgen dat de cao weer beter past bij de sector. “Wij zijn heel blij dat het ons gelukt is om samen met de vakbonden tot dit resultaat te komen”, zegt Janneke Wijnia directeur van Cumela.

De nieuwe cao gaat in op 1 januari 2021 en voorziet in een loonsverhoging van 1 procent op 1 januari gevolgd door een verhoging van 0,5 procent op 1 juli. Voor 4-wekenlonen gaan de verhogingen in op 4 januari en 19 juli 2021. “Om het loonverschil tussen personeel op de werkvloer en ander personeel aan te pakken is besloten in de laagste functiegroep de laatste schalen te schrappen en de verhoging toe te passen op de functiegroepen A tot en met E”, zegt Jacqueline Tuinenga, namens Cumela betrokken bij de cao-onderhandelingen. De cao kent een looptijd van een jaar.

Praktijk leidend
“In deze cao hebben we een aantal bepalingen in overeenstemming gebracht met de praktijk”, zegt Wijnia. “Zoals de 40-urige werkweek, mogelijkheid om arbeidstijden te schuiven en het aantal overuren wat gemaakt mag worden. Deze zijn zowel voor werknemers als werkgevers van belang.” Een aantal onderwerpen licht Tuinenga hier toe. Andere zaken komen uitgebreid aan bod in Grondig 9 en Grondig 10 en kunnen later op de website teruggelezen worden.

De eerste reacties vanuit de sector op deze toch wel belangrijke aanpassing zijn lovend

“Steeds vaker kregen we vanuit onze leden de vraag om een 40-urige werkweek”, zegt Tuinenga. “Dat is inherent aan de ontwikkeling die de sector ondergaan heeft en die nog steeds doorzet, waarbij steeds meer werk voor opdrachtgevers gedaan wordt, die een 40-urige werkweek hanteren, waardoor het niet handig is dat onze leden maar een maximum van 38-uur kennen. In de nieuwe cao kan de werkgever een keuze maken: 38 of 40 uur per week. Het brutoverschil komt naar schatting uit op 1 à 2 euro per werknemer per jaar.”

Eén dagvenster over
De eerste reacties vanuit de sector op deze toch wel belangrijke aanpassing zijn lovend. Er verandert echter meer, zoals het dagvenster. Die wordt in de nieuwe cao vastgelegd van zes uur ’s ochtends tot zes uur ’s avonds. “In de oude situatie was het mogelijk om uit twee dagvensters te kiezen. De werkgever moest daardoor ieder jaar aangeven welke op zijn bedrijf van toepassing was: het dagvenster van 06.30 tot 18.00 of die van 7.00 tot 18.30 uur. Eén dagvenster is duidelijker en de werkgever hoeft dan geen melding aan zijn personeel te doen.”

Het aantal overuren wordt verder in lijn gebracht met de Arbeidstijdenwet, waardoor het maximumaantal te maken overuren uit de huidige cao verdwijnt. Ook komen er aanpassingen rondom oproepkrachten. “En er komen nieuwe functiewaarderingen aan”, zegt Tuinenga.

Onwerkbaar weer mee in huidige cao
Ten slotte is er nog een belangrijke wijziging “en daar breken we nu de huidige cao al voor open”. Tuinenga: “Er komt een definitie voor onwerkbaar weer die bestaat uit 1,5 A4. We gaan ervoor zorgen dat werkgevers hier vanaf 1 november 2020 al gebruik van kunnen gaan maken, als dat nodig is.”

Met de nieuwe cao wordt recht gedaan aan de doorontwikkeling van de sector, maar ook wordt er meer rekening gehouden met het welzijn van de medewerker. Dat blijkt onder meer uit het onderzoek naar werkgeluk wat ingesteld gaat worden en de aandacht voor rouw. “Het is een cao met grote veranderingen, waar zowel wij als de bonden achter staan, waarvoor we de handen op elkaar wisten te krijgen. Uiteindelijk hebben zowel werknemers als werkgevers er baat bij dat er duidelijkheid is en toekomstperspectief”, zo sluit Wijnia af.