Spoedoverleg met LNV over afval eikenprocessierups

10 juli 2019
Voller wordende containers met afval van de eikenprocessierups (EPR) leveren op korte termijn de grootste problemen op. Wat gaat er gebeuren? Daarover werd gesproken tijdens het spoedoverleg wat op initiatief van CUMELA Nederland gehouden werd bij het ministerie van LNV. Alle betrokken partijen kwamen bijeen om te praten over een oplossing voor het afvalprobleem van de eikenprocessierups (EPR). Hoewel er geen acuut probleem voor de volksgezondheid is, zijn partijen het er over eens dat urgentie is geboden. Men kiest voor een snelle maar zorgvuldige aanpak waarbij de eerste prioriteit ligt bij de veiligheid van de burgers en de medewerkers van groenbedrijven en afvalverwerkers.

Korte termijn: verbranden of storten?

Tijdens het overleg werd al snel duidelijk dat het probleem wat zich op dit moment voordoet vooral wordt gevormd door de steeds voller wordende afvalcontainers met losse zakken die nu niet meer door afvalverwerkers worden geaccepteerd. Doordat het in stevige gesloten zakken in afvalcontainers zit levert dit geen direct gevaar op voor de omgeving. Wel rekenen de groenbedrijven op een snelle oplossing. 

Hoewel het huidige protocol deze manier van aanleveren toestaat, blijkt dit voor medewerkers van afvalverwerkers toch soms tot problemen te lijden. Dat moet uiteraard voorkomen worden. Daarom wordt hiervoor naar een kortetermijn oplossing gezocht. Er zijn in Nederland 12 AfvalVerwerkingsInstallaties (AVI's). Onderzocht wordt welke AVI's nog wel bereid zijn, onder voorwaarden, deze containers te verwerken.

Het tweede spoor richt zich op afvalstortplaatsen. EPR-afval mag ook gestort worden op een stortplaats, als men daarvoor een speciale vergunnig heeft. Uit een invantarisatie moet blijken of dat een reëel alternatief is. Men verwacht hierop binnen enkele dagen antwoord te hebben zodat het probleem voor deze zomer is getackeld.

Lange termijn: welke verpakking?
De kern van het afvalprobleem wordt veroorzaakt door de manier waarop de EPR-resten worden verpakt. Niet iedere AVI heeft dezelfde mogelijkheden voor ontvangst van afval. EPR-resten moeten gescheiden van ander afval in de verbrandingsoven kunnen worden gebracht zonder dat de verpakking sneuvelt.

In een reguliere verwerking wordt afval in een bunker gestort waarna een machinist met een grijper het afval in de trechter van de verbrandingsoven werpt. Plastic zakken kunnen dan stuk gaan waardoor de brandharen van de EPR zich kunnen verspreiden. Dit is de begrijpelijke reden waardoor menig AVI de deuren voor de EPR heeft gesloten.

Eén van de mogelijke alternatieven die wordt onderzocht is het verpakken in hermetisch afsluitbare kunststof 60 l boxen of 200 l vaten. Deze moeten vervolgens handmatig op een lopende band worden geplaatst. Er is echter op dit moment maar één AVI in Nederland waar deze wijze van aanbieden technisch mogelijk is. Het is bovendien een dure oplossing. De aanwezige cumelaondernemer opperde het gebruik van bigbaggs die geschikt zijn voor afvoer van asbest. Of deze praktische en betaalbare suggestie het gaat halen moet nader onderzoek uitwijzen.

Minister Schouten heeft vorige week opdracht gegeven om de leidraad die dateert van 2013 te herzien. Ook het hoofdstuk over de verwerking van rupsresten moet worden aangepast, dat werd vanochtend wel duidelijk. Voor de lange termijn zal spoedig nader onderzoek uitwijzen welke verpakkingsmethode wordt voorgeschreven. Zodat In het nieuwe seizoen het EPR-afval bij voorkeur weer door alle AVI's kan worden geaccepteerd.

Constructief overleg
Omdat alle partijen doordrongen waren van de urgentie van het probleem, werden agenda's "leeg geveegd" en vond er 10 juli een spoeddoverleg plaats met de verantwoordelijke ambtenaren van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Op uitnodiging van CUMELA waren daarbij vertegenwoordigd: Het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD), het Kenniscentrum Eikenprocessierups, de Nederlands Vereniging voor Plaagdiermanagement Bedrijven (NVPB), Vereniging Afvalbedrijven en VHG. Beleidsmedewerker GWW bij CUMELA Nederland, Nico Willemsen, nam ook een cumelalid mee die veel praktijkervaring heeft met de bestrijding van de Eikenprocessierups (EPR). Tijdens het spoedoverleg heerste er een sfeer van wederzijds begrip en een gezamenlijke wens om met goede oplossingen te komen die voor álle partijen werkbaar zijn. 
 
Vervolgoverleg
Dinsdag 16 juli komen betrokken partijen weer bijeen. De mogelijkheden van de "korte termijn oplossingen" moeten dan duidelijk zijn en kunnen worden gecommuniceerd met de groenbedrijven en afvalverwerkers.
 
Meer informatie
Heeft u nog vragen? Neem contact op met de Ondernemerslijn via tel: 033 - 247 49 99 per e-mail ondernemerslijn@cumela.nl.

 

Auteur: Nico Willemsen