Ierse loonwerkers: "GLB richt zich te veel op boeren"

10 december 2018
Loonwerkers in Ierland blijken veel hinder te ondervinden van het Gemeenschappelijk Landbouw in de Europese Unie (EU). Dit omdat het boeren de kans geeft de concurrentie met ze aan te gaan. Het was één van de onderwerpen die onder de aandacht kwam tijden het bezoek van de Ierse bond van loonwerkers (FCI) aan CUMELA Nederland.

Na het bezoek aan de Duitse DeLuTa-beurs deden de Ierse loonwerkers CUMELA Nederland aan, voordat ze terugkeerden naar Ierland. Onderdeel van het bezoek waren twee bedrijfsbezoeken. Het eerste bezoek vond plaats bij Loon- en Grondverzetbedrijf Schimmel BV in Scherpenzeel. De tweede bestemming was RVR Hoofddorp BV.

Een belangrijk onderwerp bij het bezoek was de rol van de loonwerker in het GLB, het Europese landbouwbeleid. Iets waar de Europese koepelorganisatie voor onder meer loonwerkers, CEETTAR, ook aan werkt. In Nederland houdt het vooral in dat loonwerkers via het GLB niet in aanmerking komen voor subsidies of andere voordelen. "Wel komen er via de provincies meer mogelijkheden", zo liet Janneke Wijnia-Lemstra, algemeen directeur van CUMELA Nederland, de Ieren weten. 

Nadeel door GLB
In Ierland levert het ook echt een nadeel op voor de loonwerkers, zo blijkt uit de woorden van de mannen aan tafel. "Boeren zijn een concurrent voor ons, omdat zij subsidies krijgen op de aanschaf van machines, maar ook profiteren van andere voordelen, zoals rondom de aanschaf van diesel." 

De Ieren slagen er weer beter dan de Nederlandse tegenhangers in om de tarieven te verhogen. Iets wat blijkbaar ook naar voren kwam op de DeLuTa. Hogere kosten weten ze veel sneller door te vertalen in de tarieven, wat ook in andere Europese landen beter lijkt te lukken dan in Nederland. 

Wegenbelasting
Daar staat tegenover dat de Nederlandse loonwerkers op de weg nog wel in het voordeel zijn, omdat ze geen wegenbelasting hoeven te betalen. Voor de Ieren gaat het "om het magische getal 333 euro" per machine aan motorrijtuigenbelasting. Wat voor een gemiddelde loonwerker een behoorlijke aanslag is. Voor de loonwerkers geldt een zogenaamd industrieel tarief, waar de boeren gebruik maken van het lagere landbouwtarief. In Nederland is daar geen sprake van. Ook in de nieuwe voorstellen voor kentekening en registratie van de trekker wordt dit niet genoemd, mede dankzij de inzet van CUMELA Nederland.  

De trekker is sowieso iets waar heel verschillend mee om wordt gegaan. Zo kent Ierland geen maximum snelheid voor trekkers, maar is het verzekeren van trekkers er vaak weer een uitdaging. Wat samenhangt met ongelukken. Dat in Nederland de maximumsnelheid nu nog op 25 kilometer per uur ligt is was wel iets wat de tongen in beweging brengt. Die snelheid gaat straks omhoog naar 40 kilometer per uur, maar dat staat nog steeds in schril contrast tot de snelheden die de Ieren mogen rijden. 

Ervaringen delen
Het bezoek van de FCI was vooral bedoeld om kennis en ervaringen uit te wisselen met de Nederlandse tegenhanger. Ook viel het woord uitwisseling, want misschien dat er in de toekomst meer mogelijkheden komen voor samenwerking.   

 

Auteur: Herma van den Pol