Wet Arbeidmarkt in Balans aangenomen

5 juni 2019
De Eerste Kamer heeft 28 mei jl. ingestemd met de Wet Arbeidsmarkt in Balans. In een laatste poging van Minister Koolmees om de Kamerleden tot vòòr stemmen te verleiden kwam hij op 24 mei nog met een brief. Hierin geeft hij aan dat er op verschillende dossiers samenhangende stappen zijn gezet. Dit heeft ertoe geleid dat de Eerste Kamer de Wab heeft aangenomen. 41 leden stemden voor de wet en 34 leden stemden tegen de wet.

Om u een indruk te geven van de aanstaande wijzigingen heeft CUMELA Nederland bijgaande infographic gemaakt. Een tweede infographic laat zien welke samenhangende stappen gezet zullen gaan worden. De komende maanden zullen wij u per onderwerp informeren over de aanstaande wijzigingen.

Wet Arbeid in Balans
Doel van de wet is het stimuleren van arbeidsovereenkomsten onbepaalde tijd en het ontmoedigen van arbeidsovereenkomsten bepaalde tijd. Door deze laatste duurder te maken zouden werkgevers er minder gebruik van moeten maken. Ook worden meer rechten toegekend aan oproepkrachten. De onzekerheid over werk en inkomen mag niet op de schouders van werknemers rusten vindt de Minister. De extra ontslaggrond moet ook het aanbieden van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd stimuleren, althans de angst voor deze contracten wegnemen.

Tijdelijk werk
Met de campagne ”Zo werkt het niet” probeerden werkgevers, waaronder cumela-ondernemers, te voorkomen dat contracten voor bepaalde tijd duurder zouden worden. In de Tweede Kamer heeft dat succes gehad, in die zin dat er een uitzondering is gekomen voor jongeren tot 21 jaar die maximaal 48 uur per 4 weken of 52 uur per maand werken. In de Eerste Kamer lukt het niet een algemenere uitzondering voor tijdelijk werk te regelen. Arbeidsovereenkomsten bepaalde tijd worden daarmee duurder. De premie voor 2020 is voorzien op 7,78 procent, terwijl werkgevers daarvoor nu 6,18 procent betalen. De arbeidsovereenkomsten onbepaalde tijd worden wel goedkoper. De premie is voor 2020 voorzien op 2,78% waar deze nu 4,18% is.
De transitievergoeding vanaf de eerste dag gaat door en betekent een lastenverzwaring voor werkgevers, maar hier tegenover staat een verlaging van de vergoeding bij dienstverbanden langer dan tien jaar. Positief is het ook dat de scholingskosten voor een andere functie bij de eigen werkgever in mindering kunnen worden gebracht op de te betalen transitievergoeding. Voor werkgevers is het dus van belang om dit goed vast te leggen voordat de werknemer met de (om)scholing begint.
Het is mooi dat kleine werkgevers die hun bedrijfsvoering moeten staken wegens pensionering, overlijden of ziekte de door hen te betalen transitievergoeding kunnen declareren bij het UWV. Het is nu nog niet exact bekend wanneer deze declaratiemogelijkheid ingaat. Dit is afhankelijk van de mogelijkheid van het UWV om dit uit te voeren.
De toegezegde gelden voor loonkosten voor BBL’ers en MKB-bedrijven kunnen voor een verlaging van de werkgeverslasten zorgen.

Winst
In de Tweede Kamer hebben de ondernemingsorganisaties eerder bereikt dat de hogere WW-premie niet gaat gelden voor jongeren tot 21 jaar, met een bijbaan van maximaal 12 uur per week. Dat is winst voor ondernemers. Voor jongeren moet echter wel de transitievergoeding worden betaald bij ontslag of na het aflopen van het (tijdelijk) contract. Op grond van een aangenomen motie moet minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in gesprek blijven met sociale partners om te bezien of er voor seizoenswerk maatwerkoplossingen kunnen worden gevonden. Wat hiervan terecht komt, moeten we nog afwachten.
Met de nieuwe cumulatiegrond bij ontslag komt de WAB tegemoet aan de problemen, van met name mkb-bedrijven, sinds de invoering van de Wet Werk en Zekerheid in 2015. Positief in de WAB is ook de verruiming van de ketenregeling naar drie jaar, die ondernemers meer ruimte biedt in geval van noodzakelijke flexibiliteit.
In de Eerste Kamer is een motie aangenomen dat de regering voor de zomer van 2019 met de uitwerking moet komen van voorstellen over nieuw zzp-beleid inclusief een definitief tijdpad gericht op een adequate bescherming van de zzp’er aan de onderkant van de arbeidsmarkt.
 

Auteur: Jacqueline Tuinenga