Overslaan en naar de inhoud gaan Overslaan en naar de footer gaan Overslaan en naar de zoekbalk gaan Overslaan en naar de navigatie gaan

Informatieplicht ZZS bij afvalstoffen

Sinds een recente wijziging van het Besluit melden ben je verplicht om Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) te melden bij het afgeven van afval. Ook omgevingsdiensten kunnen je hierover om informatie vragen, op basis van de zorgplicht in het Besluit activiteiten leefomgeving (BAL). Wanneer geldt die meldplicht, en wat moet je precies doorgeven?
3 juli 2026 4 min leestijd
Openingsbeeld.jpg

De wijziging komt door een toezegging door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat aan de Tweede Kamer om te zorgen voor beter zicht op ZZS in afvalstromen. De informatieplicht voor bedrijven die afval afgeven is hiermee aangescherpt. Voor cumela-ondernemers betekent dit dat zij bij bepaalde afvalstromen moeten checken of er mogelijk ZZS aanwezig zijn, en die informatie vervolgens moeten doorgeven aan de volgende schakel in de keten.

Voor welke bedrijven geldt de meldplicht?

Je bent meldplichtig als je bedrijf voldoet aan één of meer van deze drie situaties:

  1. Je hebt een omgevingsvergunning milieu waarin ZZS zijn genoemd.
  2. Je bent verplicht een vermijdings- en reductieprogramma (VRP) voor ZZS op te stellen.
  3. Je geeft afvalstoffen af waarin mogelijk ZZS aanwezig zijn.

Hier volgt een toelichting op de drie situaties in het kader:

  1. Omgevingsvergunning milieu met ZZS
    Staat er in jouw omgevingsvergunning milieu een specifieke ZZS vermeld? Controleer dan of die stof echt kan voorkomen in een afvalstroom die je afgeeft. Zo ja, dan moet je dat melden. Kijk daarom kritisch wat er in de vergunning staat en hoe dat verband houdt met de afvalstroom.
  2. Vermijdings- en reductieprogramma (VRP)
    Bedrijven die ZZS naar lucht of water uitstoten kunnen verplicht zijn een vermijdings- en reductieprogramma op te stellen. In zo’n programma staan de relevante ZZS al beschreven. Controleer bij elke afvalstroom die je afgeeft of deze stoffen daarin kunnen voorkomen en meld dit zo nodig.
  3. Afvalstoffen waarin mogelijk ZZS aanwezig zijn
    Voor cumelabedrijven speelt vooral deze situatie. Het kan bijvoorbeeld gaan om grond met PFAS, sloopafval of afvalwater met chroom-6 of productieafval uit de kunststofindustrie waarin styreen voorkomt. Vaak blijkt de aanwezigheid van zulke stoffen al uit een bodemonderzoek, analyse of ander rapport. In dat geval kun je die informatie gebruiken bij het melden van de afvalstroom.

Wanneer moet je melden?

In de praktijk moet je ZZS melden als je voldoet aan deze drie voorwaarden:

  • Je geeft een afvalstroom af aan een erkende verwerker.
  • In die afvalstroom kunnen zeer zorgwekkende stoffen aanwezig zijn.
  • Deze stoffen zijn relevant voor die specifieke afvalstroom.

Wat is ‘relevant’?

Het ministerie heeft een leidraad opgesteld om onnodige meldingen te voorkomen. Je hoeft alleen ZZS te melden die daadwerkelijk relevant zijn voor die specifieke afvalstroom. Relevant betekent: de stof wordt gebruikt, gemaakt of ontstaat in het deel van het bedrijf waar de afvalstroom vandaan komt, of is daar om een andere reden aanwezig. ZZS die wel in de vergunning of het VRP staan maar geen verband houden met de afvalstroom, die hoef je niet te melden.

Twijfel je? Vraag het na bij de ontdoener (de partij waar het afval vrijkomt) en toets kritisch of de stof écht relevant is voor die stroom. Dat geldt ook als een erkende verwerker bij jou om ZZS-informatie vraagt.

Wat geef je door bij een melding?

Je geeft de informatie door aan de volgende partij in de keten, bijvoorbeeld de afvalverwerker. Meld in ieder geval deze gegevens:

  • Welke ZZS zijn mogelijk in de afvalstof aanwezig?
  • In welke concentraties komen deze stoffen voor? (Voor zover bekend.)
  • Bij bestaande afvalstromen: wat is het afvalstroomnummer?

Je kunt deze informatie op verschillende manieren aanleveren. Bijvoorbeeld door een document als bijlage toe te voegen aan de begeleidingsbrief, door de informatie per e-mail te sturen of door de gegevens op te nemen in een contract of acceptatieformulier van de verwerker. 

Zorgplicht volgens BAL

De zorgplicht in Afdeling 1.3 van het BAL verplicht je als bedrijf om nadelige gevolgen voor de leefomgeving te voorkómen of te beperken, ook zonder specifieke wettelijke regel. Op basis hiervan kunnen omgevingsdiensten informatie bij je opvragen over stoffen die je gebruikt of op je terrein hebt staan. Je kunt dus een verzoek krijgen om inzicht te geven in mogelijk gevaarlijke stoffen. 

Opvraag van veiligheidsinformatiebladen

Wat regelmatig wordt opgevraagd zijn veiligheidsinformatiebladen van stoffen die je gebruikt of opslaat. Wees kritisch: neem alleen de stoffen mee die daadwerkelijk in gebruik zijn en redelijkerwijs ZZS kunnen bevatten. Deze bladen zijn makkelijk te vinden: zoek via Google op de productnaam plus ‘veiligheidsinformatieblad’ en download de pdf. Daarop staan gevaarlijke stoffen en eventuele ZZS al overzichtelijk vermeld. 

Houd ook de Arbowet in gedachten: die verplicht je als werkgever om te weten met welke gevaarlijke stoffen er op de werkvloer wordt gewerkt. De veiligheidsinformatiebladen die je toch al verzamelt voor de Omgevingsdienst, kun je dus gelijk ook gebruiken voor je Arbo-dossier. Twee vliegen in één klap. 

Tip: pak meteen de kans om je voorraad op te schonen. Gooi weg wat je niet meer gebruikt, op een verantwoorde manier, en kijk of je producten kunt vervangen door minder schadelijke alternatieven. Bij een controle of inspectie door de Omgevingsdienst kunnen aanwezige middelen namelijk ook aanleiding geven tot vragen. Een opgeruimde en actuele voorraad scheelt je een hoop uitleg.

Tags
Achtergrond
stoffen
Grondig
Johan van Dijk
Johan van Dijk
Juridisch adviseur omgevingsrecht