Elf vragen over tijdelijk handelingskader PFAS

17 juli 2019
Elf vragen en antwoorden geven meer inzicht in de effecten van het tijdelijk handelingskader voor grond verdacht van een besmetting met PFAS. Op 8 juli 2019 heeft de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, Stientje van Veldhoven, een brief aan de Tweede Kamer gestuurd met een tijdelijk handelingsperspectief voor grond en baggerspecie met PFAS verontreiniging. De sector zit met smart te wachten op een oplossing, maar was dit die oplossing?

In het tijdelijke handelingskader wordt aangegeven op welke manier omgegaan moet worden met PFAS verontreinigde grond en bagger. Als gevolg van het ontbreken van beleid voor het veilig toepassen van grond waarin PFAS zijn aangetoond liggen half juli nog steeds een aantal grote grondverzet- en baggerprojecten stil. Het is de bedoeling dat provincies, gemeenten en waterschappen op een gelijke manier handelen met grond of bagger, waarvan verontreiniging met deze zogenaamde zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) is aangetoond.

Wat zijn PFAS?
PFAS (de Per- en PolyFluorAlkyl Stoffen) is een verzamelnaam van een veelomvattende stofgroep, waarvan PFOA, PFOS en GenX de meest bekende stoffen zijn. Overigens bestaan meer dan zesduizend verschillende stoffen die tot deze groep behoren. Vanaf de 60-er jaren zijn dit soort stoffen ontwikkeld voor toepassingen in industrie en alledaagse huishoudelijke producten, zoals verf, pannen, kleding en cosmetica. Vanwege de unieke eigenschappen zijn deze stoffen zeer geschikt in olie- en waterafstotende producten en zijn ze hitte en zuurbestendig. PFOS (perfluoroctaansulfonzuur) werd toegepast in blusschuim dat is gebruikt door luchthavens, brandstofdepots en boorplatformen. PFOA (perfluoroctaanzuur) was onder andere een hulpstof bij de productie van teflon. Inmiddels is het gebruik van PFOS en PFOA wettelijk verboden in Nederland voor de meeste toepassingen.

Waarom zijn PFAS schadelijk?
Sinds 2000 blijkt uit veel wetenschappelijk onderzoek dat PFOA en PFOS schadelijk zijn voor mens en milieu. De stoffen breken niet af in het milieu en hopen zich op in allerlei organismen in de voedselketen en in het watermilieu. Van sommige PFAS stoffen is aangetoond dat ze toxisch zijn. Door de grote schaal waarin de stoffen zijn toegepast over tientallen jaren en de slechte afbreekbaarheid komen ze veel voor in het milieu.

Wat is de aanleiding voor regelgeving?
De overheid heeft een zorgplicht om zeer zorgwekkende stoffen(ZZS) uit het milieu te houden. Aan de voorkant betekent het dat de overheid een preventieve taak heeft om te voorkomen dat de ZZS in het milieu terechtkomen. Aan de achterkant(beheer) heeft de overheid als taak verontreinigingen te beheersen en op te lossen.

In het huidige besluit bodemkwaliteit wordt het “stand still” principe gehanteerd. Dat wil zeggen dat de kwaliteit van de grond of bagger die wordt toegepast geen lagere kwaliteit mag hebben dan de landbodem waar dit wordt toegepast. Zo wordt de bestaande bodemkwaliteit gewaarborgd. Voor stoffen waarvoor geen normen zijn vastgesteld, wordt uitgegaan van een bepalingsgrens; de aanwezigheid van deze stof in de grond of bagger betekent dan in de meeste gevallen dat het niet is toegestaan deze toe te passen. Vanwege het ontbreken van toepassingsnormen voor PFAS houdende grond en baggerspecie stagneren projecten, waarbij deze vrijkomen, omdat grond niet kan worden afgezet.

Wat staat er in de ministeriële handreiking?
Vanaf 8 juli 2019 heeft het ministerie voorlopige toepassingsnormen voor PFOA en voor andere PFAS (waaronder PFOS en GenX) vastgesteld. Deze voorlopige toepassingsnormen zijn vastgesteld voor de functieklassen uit het besluit bodemkwaliteit. Het handelingskader dat de staatssecretaris heeft gepubliceerd beoogt de stagnatie van projecten en daarmee gepaarde maatschappelijke kosten op te heffen. Tegelijk wil de overheid geen risico’s lopen doordat met PFAS verontreinigde gronden naar minder belaste gebieden wordt gebracht. Dat verklaart de lage normen die het ministerie nu hanteert. 

Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau(1) (in µg/kg d.s.)

Functieklasse in de zin van het Besluit bodemkwaliteit

PFOS

PFOA

GenX

Overige PFAS

landbouw/natuur

0,1

0,1

0,1

0,1

landbouw/natuur, bij hogere achtergrond-waarde dan 0,1

de gemeten achtergrond- waarde, ten hoogste 3,0

de gemeten achtergrond-waarde, ten hoogste 7,0

de gemeten achtergrond-waarde, ten hoogste 3,0

de gemeten achtergrond-waarde, ten hoogste 3,0

wonen

3,0

 7,0

3,0

3,0

industrie

3,0

 7,0

3,0

3,0

Wat betekent dit in de praktijk?
Dat betekent dat vanaf 8 juli 2019 grond moet worden onderzocht op PFAS. Voor eerder uitgevoerde partijkeuringen of bodemonderzoeken geldt een overgangstermijn tot 1 oktober 2019 voor toepassingen op landbodems. De milieuhygiënische verklaringen die worden toegepast vóór 1 oktober 2019 mogen worden gebruikt zonder aanvullende analyse op PFAS. Bij toepassing na 1 oktober 2019, moet de partij wel aanvullend op PFAS worden onderzocht. Voor GenX geldt dat alleen onderzocht en getoetst hoeft te worden als de partij verdacht is voor deze stof.

Opslag, reinigen of storten?
Grondbanken en inrichtingen van erkende verwerkers van grond en baggerspecie kunnen volgens hun huidige vergunningen en certificering niet altijd PFAS houdende grond ontvangen. Het is zaak dat deze inrichtingen hun vergunningen laten aanpassen. De Staatssecretaris spoort de overheden en inrichtingen aan hier proactief mee aan de slag te gaan.

Hoe zit het dan met de bodemkwaliteitskaart?
Bij het gebruik van de (water)bodemkwaliteitskaart, milieuhygiënische verklaringen, erkende kwaliteitsverklaring en fabrikant eigen verklaring hoeft niet direct aanvullend onderzoek op PFAS plaats te vinden. Tot 1 oktober 2019 is het toegestaan om bij een voorgenomen toepassing gebruik te maken van deze milieuhygiënische verklaringen, zonder dat daarbij specifiek op de aanwezigheid van PFAS is gelet.

Als de (water)bodemkwaliteitskaart nog geen data bevat over het voorkomen van PFAS, geldt dat vanaf 1 oktober 2019 de verplichting is om bij een voorgenomen toepassing aanvullend op PFAS te onderzoeken, behalve in situaties waarbij op basis van vooronderzoek aangetoond kan worden dat de bodem onverdacht is op het voorkomen van PFAS (bijvoorbeeld in geval van een diepere ongeroerde bodemlaag). Als de grond of baggerspecie afkomstig is uit (water)bodemlagen die onverdacht zijn op het voorkomen van PFAS (ongeroerde dieper dan 1 m-mv gelegen (water)bodems), is aanvullend onderzoek naar het voorkomen van PFAS niet noodzakelijk om de milieuhygiënische verklaring ook na 1 oktober 2019 te mogen blijven gebruiken. Als de grond of baggerspecie wel uit op PFAS verdachte bodemlagen afkomstig zijn is onderzoek op PFAS wel noodzakelijk. In dat geval moet de kwaliteit van PFAS via partijkeuringen worden vastgesteld.

Hoe zit het met het baggeren van watergangen?
Een watergang is doorgaans niet zwaarder met PFAS belast dan de bodem die er direct naast ligt. Daarom mag baggerspecie op de kant gezet worden zonder dat overal gemeten hoeft te worden. Wel moeten er een aantal representatieve metingen worden gedaan. Daarmee kan het onderhoud van watergangen door de waterschappen wel doorgaan.

Hoe zit het met het lokaal beleid?
De handreiking, die is gepubliceerd, geldt in principe voor heel Nederland. Lokale overheden kunnen afwijkende lokale normen vaststellen. Deze kunnen zowel strenger als soepeler zijn. Minder strenge normen kunnen toegepast worden als de huidige achtergrondwaarden in dat gebied al hoger zijn. Er zijn enkele gemeenten die hiervan al gebruik hebben gemaakt. Het uitgangpunt blijft altijd dat de bodemkwaliteit niet slechter mag worden.

Wanneer komt er een definitieve richtlijn?
De handreiking die nu is verschenen, is een tijdelijke regeling. Er lopen tot begin 2020 nog een aantal belangrijke onderzoeken naar PFAS. Deze onderzoeken gaan over Bio-accumulatie (ophoping in organismen), uitlooggedrag en mobiliteit van PFAS. Met ander woorden hoe snel komen PFAS in diepere bodemlagen en grondwater? De uitkomsten van deze onderzoeken bepalen mede hoe een definitieve richtlijn eruit gaat zien. Naar verwachting is deze dan eind 2020 een definitieve regeling klaar. Het ministerie verwacht ook dat dit onderzoek meer duidelijkheid geeft over mogelijke reinigingsmethoden.

Wat zijn de volgende acties?
Samen met de andere ketenpartijen gaat CUMELA aandringen op duidelijkheid op de vragen die er nu komen uit de praktijk. Op de website van BODEM+ ( https://www.bodemplus.nl/onderwerpen/wet-regelgeving/bbk/vragen/grond-bagger-pfas/ ) wordt antwoord gegeven op de meest gestelde vragen. Ook u kunt hier met uw vragen terecht.

Meer informatie
Heeft u nog vragen? Neem contact op met de Ondernemerslijn via tel: 033 - 247 49 99 per e-mail ondernemerslijn@cumela.nl.

 

 

 

 

Auteur: Gerben Zijlstra